Gebiedsbenamingen

Nadere uitleg over gebiedsbenamingen.

Stadsdeel

Een stadsdeel is een geografisch onderdeel van een bestuurlijke eenheid zoals een stad of een gemeente. Een stadsdeel is meestal weer onderverdeeld in wijken of buurten. Er is geen formeel onderscheid tussen stadsdelen en wijken. De gemeente bepaalt hoe de gemeente wordt opgedeeld en hoe de eenheden in die opdeling worden genoemd. Wat in de ene gemeente 'stadsdeel' heet, heet in de andere gemeente 'wijk'.

(Woon)wijk

Een woonwijk is een gebied in een gemeente waar voornamelijk woningen staan (bebouwde kom). Een wijk kan onderverdeeld zijn in buurten. Oude stadswijken zijn soms voormalige zelfstandige gemeenten die zijn samengevoegd met een grotere buurgemeente.

Een woonwijk wordt tegenwoordig meestal integraal ontworpen door een stedenbouwkundige.Een wijk heeft meestal een wijknaam. Dit kan een historische naam zijn maar ook een fantasienaam, die bijvoorbeeld bij het thema van de straatnamen past.

Wijken worden soms ook aangeduid als 'dorp'. Een vroegere samenvoeging kan daaraan ten grondslag liggen, of het betreft een speciaal gebouwde wijk met een bepaalde stijl, of een wijk bestemd voor werknemers van een bepaalde fabriek. Zo kennen we de vinex-wijk, vogelaarwijk, villawijk en tuindorp.

Buurt

Een buurt is een gebied binnen een stad (bebouwde kom) dat door bewoners als een bij elkaar horend geheel wordt ervaren. Er kunnen verschillende redenen zijn waarom bewoners dat zo ervaren:

  • Als in een deel van de stad behalve woningen ook andere functies aanwezig zijn (winkels, scholen, speelplaatsen, parken), ervaren de bewoners dat deze functies bij hun buurt horen als zij op maximaal vijf minuten lopen bereikbaar zijn (Clarence Perry, 1929)
  • Stedenbouwkundige en/of architecturale kenmerken zoals een coherent stratenplan of een architecturale stijleenheid
  • Straatnamen die geïnspireerd zijn op eenzelfde thema (vogelbuurt, componistenbuurt, schrijversbuurt)
  • Wanneer een stratencluster ingeklemd ligt tussen geografische barrières zoals drukke doorgaande wegen
  • Wanneer bewoners van een bepaald stratencluster zich sterk identificeren met hun woonomgeving of wanneer er tussen bewoners van een stratencluster bepaalde ongeschreven sociale regels gelden
  • Als bewoners met hun buren opkomen voor het belang van hun straten hebben zij meer invloed als dat gebeurt onder een gezamenlijke noemer.

In tegenstelling tot een wijk heeft een 'buurt' meestal geen officiële status, de wijkindeling van een bebouwde kom staat beschreven in een gemeentelijke verordening terwijl een buurt alleen bestaat omdat een bepaald gebied in de volksmond zo genoemd wordt.

Soms komt een buurt overeen met een wijk, maar het kan ook voorkomen dat er in één wijk meerdere buurten zijn. In sommige gevallen komt het ook voor dat een buurt (gedeelten van) meerdere wijken omvat.

Een Nederlandse buurt wordt vaak aangeduid op basis van de kenmerkende eigenschap van een groep straatnamen.

Dorp

Dorpen worden aangetroffen in landelijk gebied en waren tot de industriële revolutie, en de daarmee gepaard gaande verstedelijking, de meest voorkomende woonvorm. Een dorp is een vaste verblijf- of woonplaats van een groep mensen. Een dorp is, anders gezegd, een groep huizen. Het begrip dorp wordt niet in absolute zin gedefinieerd door bijvoorbeeld het aantal woningen of inwoners. Als relatieve definities zouden kunnen gelden:

  • Een dorp is groter dan een gehucht of buurtschap, maar kleiner dan een stad.
  • Een dorp bezit een eigen kerk, behorend tot een parochie (Rooms-Katholiek) of kerkelijke gemeente (Protestants) waar tevens een of meer nabijgelegen gehuchten onder vallen; men spreekt dan van een kerkdorp.
  • Een dorp onderscheidt zich van een stad door zijn afhankelijkheid van agrarische activiteiten. Het merendeel van de inwoners van een dorp vindt zijn bestaan direct in de landbouw en/of de veeteelt. In een stad komen de niet-agrarische activiteiten tot ontwikkeling zoals industrie, diensten, onderwijs, zorg.
  • Vroeger onderscheidde een stad zich tevens door stadsrechten, zoals het mogen houden van een markt, eigen rechtspraak en het heffen van belastingen. Tegenwoordig bestaat het stadsrechtensysteem niet meer.
  • Een tegenwoordig onderscheid tussen een stad en een dorp is het voorzieningenniveau: een stad heeft meer voorzieningen, bijvoorbeeld een ziekenhuis of een schouwburg.
  • Stedenbouwkundig onderscheidt een dorp zich van een stad door zijn organische en kleinschalige groei en opbouw, een stad is planmatig en grootschalig. Verder heeft een dorp een open grens en een sterke verweving met het landelijke gebied eromheen. De stad heeft een scherpere begrenzing (vroeger met verdedigingswerken, omwalling, stadsmuur). Een dorp wordt gekenmerkt door lage bebouwing in een lage dichtheid; een stad naar hoogbouw en een hogere dichtheid.
  • Vanuit sociale samenhang kan gesteld worden dat een dorp een hechte gemeenschap heeft waar men elkaar kent en er meer sociale druk en controle is. Een stedelijke samenleving is vrijer en anoniemer (opgaan in de massa).

Buurtschap

Een buurtschap is een kleine bewoonde plaats met een eigen naam maar vaak zonder officieel middelpunt zoals een kerk of marktplein. Net als gehuchten worden buurtschappen meestal op landkaarten aangegeven, maar zij zijn in tegenstelling tot gehuchten niet in de officiële staatkundige annalen of postcodeplaatsen als zelfstandige buurt of dorp opgenomen. Vaak is dat omdat straatnamen en nummers hiervoor omschrijvend genoeg zouden zijn.

Buurtschappen zijn vaak in de volksmond ontstaan, als benaming voor de locatie van een verzameling van huizen, boerderijen of molens. Dit werd ook wel een nederzetting genoemd. Veel van de oude buurtschappen zijn ontstaan in gebieden waar men vrij is zich  te vestigen Zulke gebieden noemt men ook hering. Omdat het vrij was was er dan ook geen zeggenschap van of over zo'n plaats. Dit in tegenstelling tot een buurschap of een boerschap, waar een heer of boeren zeggenschap hadden van of over het plaatsje. Soms werd een buurschap of boerschap opgeheven en ze werd dan of een buurtschap of een gehucht als ze klein genoeg was. Bouwde men ter plaatse een kerk(je), molen of kroeg, dan kon ze doorgroeien naar een (kerk)dorp.

Een huidige buurtschap kan ook op andere manieren zijn ontstaan: als een gehucht dat niet meer een officiële woonplaats is, als een buurt die geografisch losstaat van de omliggende bebouwing, bijvoorbeeld door een rivier of kanaal of een stuk bos (bij weilanden spreekt men dan eerder van een buurtschap die buiten de kern ligt) en soms ook als een polder waar zowel verspreid huizen staan als dat er huizen bij elkaar staan.

Soms kan een buurtschap vrij groot zijn geworden. Dit komt vaak doordat een grotere woonplaats ernaast de landerijen of de polder van de buurtschap zo goed als vol heeft laten bouwen. Vaak wordt zo'n buurtschap dan bestempeld als woonwijk of woonbuurt van die grotere woonplaats. Maar soms kan het ook zijn dat een klein dorp gewoon nooit officieel (of niet meer) is opgenomen in de staatkundige annalen.

Een ander verschil tussen een buurtschap en een gehucht is dat buurtschappen meestal een naam kennen die aan ofwel de gebiedsnaam is ontleend ofwel aan prominente gebouwen of dijken en wegen (meestal waar men de kern naast of op heeft gebouwd), terwijl gehuchten veelal een eigen naam hadden. Tegenwoordig is dat onderscheid niet meer zo scherp.

Het traditionele onderscheid tussen een buurtschap of gehucht en een dorp is dat de eerste twee geen kerk hebben en de laatste wel. Maar ook de grootte van de woonplaats wordt als scheidingscriterium gebruikt. De term "buurt met dorpsrechten" houdt in dat er vroeger een kerk in de buurtschap heeft gestaan, maar dat die opgeheven is. Buurtschappen maken meestal deel uit van parochies in aangrenzende plaatsen. Een aantal buurtschappen bij elkaar werd in de vroege middeleeuwen kerspel genoemd.

Gehucht

Een gehucht is een woonplaats die kleiner is dan een dorp. In Nederland wordt hiermee enkel een kleine gemeenschap zonder kerk aangeduid. Zo'n gemeenschap kan echter ook een buurtschap worden genoemd. Een duidelijk onderscheid tussen een gehucht en een buurtschap valt niet te maken. In Vlaanderen wordt dit onderscheid (met of zonder kerk) niet gemaakt.

Het woord stamt af van het collectivum van hoeve: "gehofte". Dit is omdat gehuchten rond een of meerdere alleenstaande hoeves ontstonden. Die waren opgericht, ten midden van woeste grond, door families die toestemming hadden gekregen om er nieuw land te bewerken. Rond deze hoeves verrezen nieuwe boerderijen op initiatief van erfgenamen en nieuwe boerenfamilies. Zo ontstonden nieuwe woonkernen. Ze kregen niet altijd een eigen kerk, maar ten minste een kapel.

Gehuchten werden meestal genoemd naar de aloude namen voor het gebied waarin ze liggen. Daarom bevatten ze vaak de toponiemen "hees", "beemd" en "waard". Hoewel ze afgezonderd liggen, bleven ze bij een dorp of stad horen, zelfs wanneer ze uitgroeiden tot een klein dorp. Uitzondering hierop vormen de gehuchten die zelfstandig werden door samenvoeging met gehuchten uit andere gemeenten.

Kolonie

Een kolonie is een nederzetting die ontstaan is met een zeker doel zoals ontginning, cultivering of idealisme. In Limburg werd de term gebruikt voor mijnwerkerswijken zoals Leenhof in Schaesberg/Heerlen en Treebeek-Haansberg in Brunssum.

terug

Onze archieven en collecties