De Bokkenrijders

Een grote golf van diefstallen in en overvallen op talrijke kerken, pastorieën en boerenhoeve's overspoelde tussen circa 1730 en 1770 het Limburgse platteland. De naam Bokkerijder (Bokkenrijder volgens hedendaagse spelling) is overigens pas ontstaan rond 1800, zo'n 20 jaar na de gebeurtenissen en de processen.
Deze mysterieuze dievenbende vormt de inspiratiebron voor toneelschrijvers, striptekenaars, kunstenaars en romanschrijvers. Het gevolg is een grote hoeveelheid aan schilderijen, boeken, stripboeken, televisieseries, lp's en cd's.

In de historische wereld is de misdaad op het Limburgse platteland een nimmer aflatende bron voor theorieën en speculaties. De eerste publicatie uit 1779 is van de hand van pastoor A. Daniels van Schaesberg die een boekwerkje onder het pseudoniem Sleinada liet verschijnen. 
Sindsdiens zijn er vele publicaties verschenen van o.a. Wilhelm Gierlichs, J.M. van der Venne, G. Ramaekers, Ben Lindekens en Anton Blok. Iedere auteur had zo zijn eigen verklaring voor de reeks gewelddadige overvallen die plaatsvonden in de 18e eeuw. Er worden motieven genoemd die uiteen lopen van armoede, onderdrukking, gebruik van drugs tot vrijheidsstrijders die onder het juk van koloniale machten wilden uitkomen.

Tegenwoordig wordt er toch wel behoorlijk getwijfeld aan het bestaan van het fenomeen "bende" en worden de verschillende overvallen en diefstallen als losstaande incidenten gezien. Vooral het artikel van L. Augustus in 1991 in de "Publications" deed in dat opzicht nogal wat stof opwaaien.

Niettemin staat vast dat er vele honderden bokkenrijders hun leven hebben gelaten op het schavot en dat hun directe nazaten, vrouwen en kinderen in grote armoede en schande hun verdere leven hebben moeten leiden. Het is algemeen bekend dat het voorkomen van een bokkenrijder in de familie nog vele generaties nadien, tot in de 20e eeuw, een smet op de familie wierp. Dat is dan ook de reden dat er in Valkenburg, de plaats waar de meeste Bokkenrijders berecht zijn, een monument is geplaatst over de fouten die er destijds ruimschoot zijn gemaakt in de vervolging van de verdachten.

Veel van de rechtszaakdossiers bevinden zich in de archieven van de schepenbanken Heerlen en Hoensbroek die door Rijckheyt worden beheerd. Bij het lezen en/of bestuderen van de bokkenrijdersdossiers is het vrij belangrijk enige kennis van het functioneren van het instituut schepenbank en de rechtspraak uit die periode te hebben.

Ook in de archieven van de schepenbanken van Klimmen, Brunssum, Schaesberg en Nuth, die door het RHCL te Maastricht worden beheerd, zitten vele originele procesdossiers. Op basis van bronnen en literatuuronderzoek is er een lijst samengesteld van vervolgde personen of complicen.
Een aantal van deze procesdossiers zijn gescand en getranscribeerd beschikbaar. Klik hiervoor op de naam van de vervolgde.
Om de dossiers te begrijpen, kan het raadzaam zijn om wat achtergrondinformatie over de wijze waarop een proces werd gevoerd bij de hand te hebben. In de dossiers staan daarnaast ook nog enkele juridische en verouderde termen. Raadpleeg hiervoor de daarvoor opgestelde verklarende woordenlijst.

Rijckheyt heeft rond het thema Bokkenrijders een educatief pakket samengesteld. Dat pakket bestaat uit een introductie op de geschiedenis over de Bokkenrijders en biedt een handvest voor de leerlingen om te komen tot een profielwerkstuk. Tevens is er een reader beschikbaar met een bloemlezing uit verschillende artikelen over de Bokkenrijders.

Daarnaast is er eveneens een lijst beschikbaar met namen van de personen die zijn berecht, vervolgd, veroordeeld of gevlucht tengevolge van de ongehoorde harde vervolging door de schouten en schepenen in verschillende schepenbanken van deze regio.

Bij L1 is in de door T36 geproduceerde serie "De Geschiedenis van Limburg" aandacht geweest voor de Bokkenrijders. Rijckheyt heeft meegewerkt aan deze aflevering, getiteld "Limburgse Sagen en Legenden".


Nadere bronnen en literatuur:

Tags