Weyer Ter, huis

Bron: Collectie Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort, objectnummer OF-03872; http://beeldbank.cultureelerfgoed.nl/rechten Te Heerlerheide in de wijk Passart lag het landgoed Ter Weijer, wiens naam afkomstig was van de vijvers (wijers) die om het huis moeten hebben gelegen. Zoals zoveel andere goederen, was het goed Ter Weyer een leen en laathof van het aartsbisdom Keulen dat te Heerlen door de Keurkeulse mankamer in het Manhuis (Mannes) verheven werd. De eerste vermelding van het goed dateert van 1208 waarbij het in handen is van Bonifatius van de Weijer (Vivario).

De oorsprong van het gebouw, dat uiteindelijk bestond uit twee u-vormige gedeelten die bijna gesloten tegen elkaar aanlagen, moet gezocht worden in het einde van de 12e danwel begin 13e eeuw. De zuidvleugel van de oostelijk U-vorm heeft een woontoren gekend, die door een nieuwe woontoren met op elke hoekpunt een arkeltorentje in de veertiende eeuw is vervangen. Het geslacht van de Weijer zou eeuwenlang, tot in de tweede helft van de 16e eeuw, het goed in handen blijven houden, waarna het overgaat in handen van het geslacht van Ghoor. Dit ridderlijke geslacht raakte het echter kwijt doordat het in beslag werd genomen in het begin van de tachtigjarige oorlog. In 1672 komt het goed in handen van de familie van Hoensbroek die het in bezit hielden tot eind 18e eeuw. Zij vernieuwde de 14e eeuwse woontoren rond 1700. In 1789 werd het goed verkocht aan pachter Rudolph Voncken. 

Bron: Collectie Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort, objectnummer BT-019490; http://beeldbank.cultureelerfgoed.nl/rechten Aan het begin van de 19e eeuw was het goed inzet van een ingewikkelde erfkwestie en werd het in 1829 uiteindelijk publiekelijk verkocht aan de familie Huntjes. Vanaf dat moment werd er een rentmeester aangesteld die het beheerde en verpachtte. Met stukjes en beetjes werd het landgoed in de twintigste eeuw verkocht om plaats te maken voor de mijnbouw en de woningbouw.

Huis ter Weyer werd in 1975 gesloopt om plaats te maken voor woningbouw. Het enige wat resteert is nog slechts één vijver.

Nadere bronnen en literatuur: