Waszink, M.A.M (burgemeester Heerlen)

Maastricht, 18 mei 1881 – Breda, 23 oktober 1943

Marius Alphonse Marie Waszink werd geboren op 18 mei 1881 in Maastricht als zoon van Jacobus Alexis Marie Waszink en Anna Josephina Hubertina Cardinaals. Tijdens zijn middelbare schooltijd zat hij op het gymnasium van het R.K. 'Sint Ignatius College' te Amsterdam. Daarna studeerde hij van 1907 tot 4 juli 1912 rechtswetenschappen op de Gemeentelijke Universiteit in Amsterdam.

Zijn bestuurlijke carrière begon hij als hoofdcommissies secretarie gemeente Maastricht van 1912 tot 1 april 1913. Hierna verhuisde hij naar Heerlen waar hij van 1913 tot 1926 burgemeester was. Hij vroeg tijdens zijn ambtsperiode in Heerlen ontslag omdat hij zijn salaris als burgemeester te laag vond. Na een aanbod met een salaris hoger dan de burgemeester van Maastricht trok hij zijn ontslag weer in. Men achtte hem namelijk onmisbaar voor Heerlen.

In 1925 onthulde hij een grafmonument op de begraafplaats aan de Akerstraat voor vijftien Belgische geïnterneerde soldaten die tijdens de Spaanse griepepidemie in 1918 in Heerlen waren gestorven.

Als nevenfunctie was hij ook werkzaam als kantonrechter-plaatsvervanger in Heerlen van 31 oktober 1913 tot 8 maart 1926.

Op 14 februari 1914 trouwde hij met Bernardine Josephine Kersten, dochter van Johann Franz Emil Kersten en Maria Gerardina Clementina Hustinx.

In 1922 stond hij bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer op de lijst van de Rooms-Katholieke Staatspartij, maar hij werd niet gekozen. Hij wilde graag hogerop komen en vooral een beter salaris ontvangen. 

Op 30 augustus 1924 werd hij Officier in de Orde van Oranje-Nassau. Andere onderscheidingen die hij verkreeg in zijn leven waren:

In 1926 was hij tijdens de formatie voor het kabinet De Geer eerst kandidaat voor Binnenlandse Zaken en later voor Waterstaat. Op 8 maart 1926 werd hij minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen, hoewel hij hier weinig hiervan afwist. Als minister kreeg hij te maken met problemen als de herinvoering van het zevende leerjaar en het leerlingenaantal. Zelf stelde hij voor om de taal Frans als vak in te voeren op de lagere school en een Katholieke Economische Hogeschool op te richten. Verder liet hij zich eind 1927 tijdelijk vervangen door minister Kan wegens gezondheidsproblemen. Hij was tot februari 1928 niet werkzaam, maar verhuisde wel naar Den Haag. Op 10 augustus 1929 trad hij af als minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen.

Hij werd in november 1929 burgemeester van Roermond omdat hij hier meer aanzien kreeg dan als burgemeester van Heerlen. Hij verhuisde in 1930 naar Roermond en op 1 september 1934 vroeg hij eervol ontslag aan vanwege zijn slechte gezondheidstoestand. Hij verhuisde naar Breda waarna hij op 23 oktober 1943 stierf. Vlak na zijn dood werd aan zijn vrouw Bernardine toestemming gevraagd om een straat naar hem te vernoemen. Zij vond dit zeer eervol en stemde toe. De Burgemeester Waszinkstraat in Heerlen is de verbindingsweg tussen de Akerstraat en de Benzenraderweg.

Nadere bronnen en literatuur:

Met dank aan leerlingen van het Sintermeertencollege: Maartje Meis en Laura Hoekstra.