Slenaken (Gemeente Gulpen-Wittem)

Geschiedenisschets

- Bron: Collectie Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort, objectnummer 901.030; http://beeldbank.cultureelerfgoed.nl/rechten Slenaken is van oudsher een vrije rijksheerlijkheid, een stuk land waarvan de heer alleen rechtstreeks aan de Duitse keizer verantwoording verschuldigd was. De heer van Slenaken had dus niemand anders boven zich, enkel de Duitse keizer. Omdat dat Roomse Rijk van die keizer zo groot was en de rijksheerlijkheid Slenaken zo klein konden de heren van Slenaken eigenlijk doen wat ze wilden. Zolang ze maar voldeden aan hun plichten met name de reguliere betalingen. Naar alle waarschijnlijkheid woonden deze heren van Slenaken in huis Heeze dat op een steenworp afstand gelegen is van de Remigiuskerk.

Limburg kent naast Wijlre nog enkele andere rijksheerlijkheden, Gronsveld, Stein, Breust, Elsloo, Wijlre en Wittem.

Het dorp Slenaken is ontstaan in de middeleeuwen op een kruising van de wegen en de Gulp. De inwoners van Slenaken hebben in de 17e en 18e eeuw opvallend veel last gehad van ziekte en oorlog dat veel ellende en grote armoede bracht in het dorp. Het slaagde er overigens wel in om gedurende deze gehele periode haar status van vrije Rijksheerlijkheid te behouden. In 1795 kwam pas een eind aan deze situatie toen de Fransen de restanten van het feodale stelsel afschaften en de gemeentelijke structuur invoerden, Slenaken werd een zelfstandige gemeente.

Slenaken blijft in de 19e eeuw sterk agrarisch van karakter. Pas in de 20e eeuw komt er enigszins verandering in deze situatie door de groei van het toerisme, waarbij Slenaken “klein Zwitserland” werd genoemd.

De gemeente Slenaken is in 1982 opgeheven en opgegaan in de gemeente Wittem en in 1999 is de gemeente opgegaan in de gemeente Gulpen-Wittem.

Herkomst naam

Het dorp Slenaken komt in oude archiefstukken voor als Sledenake (1253). Sledenachen (1280) en Sleydenaeken (1357). Het achtervoegsel “-aken” gaat terug op het Gallo-Romeins woord –ako of –acum, dat “toebehorend aan” betekent. Het gebruik van dergelijke Gallo-Romeinse woorden duidt op een oude oorsprong van de plaats, waarschijnlijk daterend van de 8e of 9e eeuw. Het woord “-aken” kan echter volgens sommigen ook duiden op “Aquaduct”. Een eerste naamsverklaring gaat uit van een samenvoegsel van dat Romeinse Aken voorafgegaan van het Germaanse “slede” dat “dal of helling” betekent. De gehele naam betekent dan zoiets als “Woningen of nederzetting behorend of liggend bij een dal of helling”

Het is ook mogelijk dat de naam is ontstaan uit het Germaans Slediniacas dat "nederzetting toebehorend aan een Germaans persoon Slado" betekent.

Nadere bronnen en literatuur: