Oliemolen

Volgens een stichtingsakte van 9 mei 1502 zou de molen, ook wel “in den Crouwel” genaamd, zijn ontstaan te danken hebben aan de familie Van Schaesberg. Deze akte is een vervalsing uit 1710 om de rechten van de bouw van de molen door de graven van Schaesberg voor de koning van Spanje te bewijzen. De akte kan wel rond 1562 geschreven zijn, omdat de volmolen “in den Crouwel” in een akte van 23 maart 1563 bij erfdeling toekwam aan Willem van Schaesberg.

In een volmolen werd laken aan een bewerking onderworpen, waardoor door het samenpersen van het weefsel een verviltings-proces optrad en het laken een dichtere structuur kreeg. Eind 16e eeuw kreeg de molen ook de functie van oliemolen. Uit koolzaad, lijnzaad en raapzaad werd olie geperst. Het restant werd tot lijnkoeken (veevoer) verwerkt. In 1829 werd een vergunning verleend om graan te malen. In 1850 kwam er nog een looimolen bij. Alle molens werden aangedreven door het grote molenrad. Dit rad werd aangedreven door het water van de  Caumerbeek. Vanaf 1905 was hij alleen nog in gebruik als graanmolen.

Het gebouwencomplex is opgetrokken uit witgeverfde kalksteen en ligt om een binnenplaats heen. Het molenhuis is van vakwerk met een onderbouw van mergel, evenals de twee lichtvensters. Het prachtige krulanker met jaar 1740 duidt op een verbouwing in dat jaar door griffier Theodoor Dautzenberg. Deze laatste heeft de molen niet lang in zijn bezit gehad. In 1769 werd hij verkocht aan de familie Wetzels, die tot 1953 eigenaar van de molen zou blijven. In 1929 was de dagproductie 3000 kg meel. Na de inzet van een elektromotor liep dit op tot 10.000 kg. In 1957 werd vermeld dat de molen over een vrij liggend houten schoepenrad beschikte met een doorsnede van 5 meter. Dit rad dreef drie koppels steen aan, vanaf 1930 geholpen door een elektromotor. De molen is in 1979 grondig gerestaureerd, waarbij onder andere twee koppels stenen weer maalvaardig werden gemaakt. Het uit 1882 daterende waterrad met middellijn van 4,95 m en een breedte van 90 cm werd vervangen door een 3,5 ton zwaar nieuw eiken waterrad.

Nadere bronnen en literatuur: