Nuinhof en tiendschuur, de

De Nuinhof.

De hof is onder meerdere namen terug te vinden, zoals Nieuwenhof,  Nuwenhoff, Nuenhof, Nuinhof en Villa Nova.

De hoeve ‘De Nuinhof’ stond tegenover het NS-station, op de plek waar nu de A76 over de Nuinhofstraat gaat tot aan de geleenbeek. De witte boerderij en de muren met bogen omsloten het binnenplein. samen met het statige herenhuis en de hoge graanschuren.

In 1343 geeft Gertrude van den Bongart, weduwe van Otto van Nythuysen, de helft van de tiende van Nuth, die ze in vruchtgebruik had, aan zoon Goswin Nythuysen die al de andere helft in handen had. De handeling wordt uitgevoerd in de aanwezigheid van Adam van Nut en Alexander Hullenbroeck, feodale heren van Reynaert der Vrihe (Vrye). De tiende van Nuth was verbonden aan de Nuinhof. De tiende was een vorm van belasting waarbij de inwoners/boeren ééntiende van hun oogst in natura moesten afstaan en afleveren in de z.g. tiendschuur.

Rond 1380 was ‘De Nuinhof’ een achterleen van het huis van Valkenburg. Zij was leen verschuldigd aan het adellijke huis van Merkelbeek welk op haar beurt leen moest betalen aan het huis van Valkenburg. In 1381 was Johan Printhagen eigenaar van de leenroerige  ‘Nuinhof’  waartoe ook de leenroerige ‘grote Tiende van Nuth’  behoorde. Op 12 augustus 1419 verkoopt Waleram van Printhagen ‘De Nuinhof en tiende van Nuth’ aan de deken en het kapittel der kerk van Onze Lieve Vrouw te Aken. Het kapittel kon de koop van de ‘Nuinhof en tiende van Nuth’ betalen met gelden uit een schenking waaraan als voorwaarde verbonden was dat  de opbrengsten uit die schenking, en dus ook de opbrengsten van de Nuinhof, voor 2/3 aan de deken en voor 1/3 aan het kapittel gingen. Op 30 maart 1420 ruilt de deken zijn recht op 2/3 deel van de opbrengsten op de Nuinhof met  de rechten op landgoederen bij Aken en Eupen en wordt het kapittel volledig bezitter van de Nuinhof.

Deze situatie met het kapittel van Aken als eigenaar en opeenvolgende pachtboeren op de Nuinhof blijft ruim 300 jaar voortbestaan tot de Franse revolutie. Op 21 februari 1798 wordt de Nuinhof publiekelijk geveild en verkocht aan G.C. Schwartz voor 800.000 francs. Hij is de stroman voor de werkelijke koper, Werner Joseph Wolff, vrederechter te Oirsbeek. Wolff verkoopt de Nuinhof enige jaren later aan Jan Frans Kerckhoffs uit Grijzegrubben (schepen/burgemeester en arts te Nuth). Na zijn dood in 1819 wordt zijn zoon Jan Kerckhoffs de hoofdbewoner. Hij is griffier en burgemeester van Nuth van 1830 tot 1836. Op 27 februari 1883 sterft oud-burgemeester Kerckhoffs op de Nuinhof en zijn vrouw verhuist dan naar Ambij.

In 1880 was de Nuinhof verdeeld in twee hofsteden.

Door de aanleg van de spoorlijn van Sittard naar Heerlen raakt de boerderij veel grond kwijt en dit is het begin van het einde (opening van het station in 1896).

De hoeve werd in 1934 afgebroken om plaats te maken voor de aanleg van rijksweg 76.

De Tiendschuur.

Begin 20e eeuw stond tegenover het station een ruïne met muren van ruim één meter dikte. De ruïne was een overblijfsel van een tiendschuur uit 1738 en was het eigendom van de familie Herberg-Strens, verblijf houdend op het landgoed Huis De Dael. De familie verkocht de ruïne met bijbehorende grond aan de heer Jan Michael Diederen,  graanhandelaar, die het tot graanmagazijn liet opbouwen. Diederen was een molenaarszoon uit Schinveld die op 8 september 1919 te Nuth trouwde met Maria Josephina Hubertina Heijnen uit Nuth.

Bron: www.NuthvanToen.nl In 1923 bouwt de heer Diederen naast het graanmagazijn een villa die hij doopte tot Huize De Tiendschuur.

In 1926 wordt het graanmagazijn verder vergroot.

In de dertiger jaren van de 20ste eeuw bouwde hij een kunstmestmagazijn en een graansilo aan de haven in Stein en zijn bedrijf heette toen ‘Graan- en Kunstmestbedrijf Het Zuiden’ gevestigd te Stein.

In 1954 verhuurt Diederen de voormalige tiendschuur aan C.I.V. Limburgia, handelende in kruidenierswaren en een onderafdeling van de Enkabé.

Op de ochtend van carnavalsdinsdag 6 maart 1962 ontstond er brand in de magazijnen van de Enkabé. De schade aan het pand, dan ressorterend onder Monumentenzorg, was enorm en bedroeg één miljoen gulden.

Bron: www.NuthvanToen.nl Het pand wordt verlaagd herbouwd en de nieuwe huurder wordt dan Kraanverhuur MARCON (Martin van den Akker).

Nadat Huize de Tiendschuur onder de slopershamer was gevallen, moest ook de tiendschuur eind 20e eeuw wijken voor het verleggen van de afrit van de A76.

De straatnaam ‘Tiendstraat’ herinnert aan de oude tiendschuur en de tiende van Nuth.

Nadere bronnen en literatuur: