Eikendermolen (Watermolen van Terworm)

De molen wordt al in 1385 in de archieven genoemd. In dat jaar moest ridder Gerard van den Eyckholt acht vaten rogge leveren aan het klooster St. Gerlach te Houthem.

In 1468 komt de molen voor in een koopakte van Johan van Ubachsberghe.

Het huidige gebouw dateert uit de 18e eeuw. De molenvijver kreeg niet alleen water van de Geleenbeek, maar ook van de artesische (zelfvoedende) bronnen in de omgeving.

De mijnen leidden tot de ondergang van de Eikendermolen. Door mijnverzakkingen raakte de molenvijver dichtgeslibt. In 1920 zag de molenaar zich genoodzaakt de molen te sluiten. Het ijzeren schoepenrad bleef gedeeltelijk onder de grond liggen en de molenas en-installatie in de kelder werd in goede staat bewaard. Hierdoor was het in 1970 mogelijk het hele moleninstrumentarium voor hergebruik naar de Volmolen van Epen over te brengen.

Van de Eikendermolen is tegenwoordig alleen nog het woonhuis over.

Nadere bronnen en literatuur: 

Tags