Driesch ten, hoeve (ook wel de Driesch)

De hoeve ligt verstopt achter het voormalige zwembad Terworm tegen de A76. Vanaf de autosnelweg is zij goed te zien, maar vanaf Terworm alleen bereikbaar via een zijpad bij het bosje op de plek waar vroeger het zwembad lag. De hoeve was vroeger prachtig gelegen midden in de uitgestrekte landerijen van het landgoed Terworm.

In de 15e eeuw wordt een Thys van den Driesch genoemd als eigenaar van “den hoff zu Driesch”. De familie ontleende haar naam aan de hoeve. Door het huwelijk van Thys’ dochter kwam het geslacht Van Hillensberg in het bezit van de hoeve.

Vanaf 1535 komt zij twee eeuwen in bezit van de heren van kasteel Eyckholt. De eerste heer was Johan van Strijthagen. Na hem komen nog de geslachten Van Eynatten, Von Beulart tot Beulartstein en Von Holthausen.

In 1730 verkocht Maria Nijpels, weduwe van Frans Hendrik baron Von Holthausen, twee derde deel van de Driesch aan Frederik Willem van Wylre, kannunik uit Aken. Deze laatste verkocht in 1738 zijn deel van De Driesch aan Vincent Philip Anton, baron van der Heyden, genaamd Belderbusch, heer van Terworm. De nieuwe eigenaar wist ook de rest van de hoeve in bezit te krijgen. Voortaan maakte zij deel uit van het landgoed Terworm.

In 1917 verkocht Frans baron van Loë, heer van Terworm, zijn landgoed aan de Oranje-Nassaumijnen. De hoeve De Driesch bleef als boerderij in gebruik.

Van de bouwgeschiedenis is weinig bekend. Op de Tranchotkaart uit het begin van de 19e eeuw is een U-vormige hoeve met een haakvormig woonhuis te zien. Dit haakvormige gebouw is geheel in Kunradersteen opgetrokken. In de woonhuisgevel bevinden zich een oorspronkelijk rondboogpoortje en vensters met hardstenen tussendorpels. De woning is gedateerd door een steen met het jaartal 1733 boven de ingang.

Nadere bronnen en literatuur; 

Tags